Verbond van 100

Actief aan de slag voor Buurtteams Amsterdam

“We ontwikkelen echt iets met elkaar” (Dapperbuurt)


Binnen het Verbond van 100 wordt momenteel al volop geoefend met de nieuwe werkwijze voor de toekomstige Buurtteams Amsterdam. De praktijkervaringen vormen een belangrijke basis voor de invulling van de buurtteams en hun manier van werken. Eén van die teams is Buurtteam Dapperbuurt. Wat zijn tot nu toe de bevindingen? Hoe bevalt de samenwerking nieuwe stijl? Wat gaat er goed en wat kan beter? Medewerkers Rosan Wagenaar en Tanya Wartes delen hun ervaringen tot nu toe.

Rosan is sociaal raadsvrouw en via Dynamo werkzaam binnen het Verbond van 100.
Tanya Wartes is klantmanager bij de Dienst Werk, Participatie en Inkomen.

Waarom meedoen aan het Verbond van 100?

Rosan: “Ik breng sociaal juridische expertise binnen het team. Ik vind het vooral interessant om breed naar vraagstukken te kijken. Binnen Dynamo ben ik ook lid van de ondernemingsraad. Ik heb wel ideeën over hoe dingen anders kunnen.”

Tanya: “Ik ben dagelijks werkzaam op het gebied van activering. Ook ik ben gevraagd om mee te doen. Ik sta open voor nieuwe dingen, dus heb ik meteen ja gezegd.”

Wanneer zijn jullie begonnen, en zijn er al successen te melden?

Rosan: “Het verbond van 100 is 17 juni 2019 gestart. We testen iedere dag nieuwe dingen uit, bijvoorbeeld de manier van uitvragen. We proberen verschillende methodieken uit. We gaan zoveel mogelijk uit van het perspectief van de bewoner. Zoveel mogelijk leefgebieden worden daarbij betrokken.”

Tanya: “De intensieve samenwerking met andere organisaties vind ik interessant. De andere blik. De vele invalshoeken die de revue passeren. Ik krijg er veel energie van! Ik ervaar meer speelruimte. De IPW training die we volgden, heeft mij goede handvaten gegeven. Ik heb geleerd om anders te kijken naar doorbraakdossiers.”

Merken jullie cliënten al iets van de andere aanpak?

Rosan: “Ja, ze merken wel dat we het nu net even anders aanpakken. De cliënt krijgt meer inspraak, meer regie over de eigen zorg. De cliënt staat nóg meer centraal dan voorheen. Eigenlijk wel logisch toch? Veel schotten tussen uiteenlopende voorzieningen zijn weg in onze werkwijze. En ook dat is alleen maar gunstig voor de cliënt.”

Tanya: “Ik was al een beetje gewend om op die manier te werken. Bij activering van cliënten denk je vooral in mogelijkheden.”

Doen jullie dingen nu heel anders dan voorheen?

Rosan: “Na aanmelding gaan twee collega’s uit het verbondsteam samen op huisbezoek, om te inventariseren wat nodig is. We kijken daarbij naar de vraag, naar de expertise en naar de mogelijke klik met een collega. De cliënt krijgt een vast aanspreekpunt binnen het verbondsteam – ook als hij/zij ondersteuning krijgt van meerdere hulpverleners. We proberen de match in één keer passend te maken. Waar mogelijk kan dan de collega die op huisbezoek gaat, ook daadwerkelijk de gevraagde hulp bieden. Dat lukt in het hier en nu al in negen van de tien gevallen! Heel mooi dus! We proberen er het maximale uit te halen voor onze cliënten.”

Trots op...

Rosan: “Ons werk is er leuker door geworden, veelzijdiger. We werken samen in een leuk team. We ontwikkelen echt iets met elkaar.”

Tanya:” Een mooi voorbeeld is dat een van mijn collega’s Yasmin voor een buurtbewoner in een uitzonderlijke situatie een verblijfsvergunning heeft weten te regelen. Het schrijven van een maatwerkplan heeft hierbij geholpen.”

Zien jullie overeenkomsten of verschillen tussen de verschillende verbondsteams?

Tanya: “Er zijn zeker verschillen per buurt. Ieder team heeft een aparte ontwikkelopgave gekregen. Het is dus niet gemakkelijk om dat te vergelijken. In Zuidoost is het speerpunt gezondheid, in Nieuw West gezinnen met complexe problemen op meerdere leefgebieden .”

Rosan: “Ieder verbondsteam werkt in principe met dezelfde uitgangspunten, wij noemen dat het kompas. Omdat we buurtgericht werken, zijn er natuurlijk verschillen per buurt. In de Dapperbuurt speelt GGZ-problematiek een grote rol en zoomen we in op de samenwerking met GGZ partijen. In Noord is een belangrijk aandachtspunt de samenwerking met het Ouder- en Kindteam en de huisartsen.”

Zijn er ook kritische kanttekeningen?

Rosan: “We hebben de afgelopen periode intensief samengewerkt. Doordat het nog een experiment is, hebben we meer tijd dan normaal voor afstemming. We delen vaker zorgen over een cliënt. Maar hoe gaat dat er straks uitzien, als de buurtteams eenmaal operationeel zijn? Is die tijd er dan nog wel? Ik ben benieuwd hoe het dan gaat lopen.”

Tanja: “We wisselen nu veel uit met professionals, maar zouden dat ook nog meer in het informele circuit kunnen doen. Ook moeten we wellicht nog meer outreachend gaan werken.”

Tanja: “En nog nauwer gaan samenwerken met de huisartsen in een gebied. Daar ligt ook ongelofelijk veel informatie. Over eenzame buurtbewoners, bijvoorbeeld.